Noteer alvast in je agenda: 05/09/10 - Wandeling Haachts Broek, vertrek 14u, parking sporthal Wespelaar  
Home
Oud nieuws  

DE EIKEPROCESSIERUPS IS ER WEER

Enkele jaren geleden was de eikenprocessierupsvlinder (Thaumetopoea processionea) nog een zeldzame zuidelijke soort. Door de warmere lentes hebben de diertjes het hier nu naar hun zin en kunnen ze massaal uitbreken. De soort volledig uitbannen is wellicht al onmogelijk geworden. Bestrijding van deze rups is niet altijd eenvoudig en allicht ook niet echt nodig want zo gauw zijn parasieten zich ook gevestigd hebben, zal de ernst van de plaag wellicht sterk afnemen. Om op langere termijn effectief te zijn, moet tegelijk aan een aantal voorwaarden voldaan worden: zo veel mogelijk preventief optreden, zorgen voor een goede coördinatie van de inspanningen, handelen met wetenschappelijke kennis van zaken en objectieve informatie verschaffen aan alle betrokkenen.

De harige rupsen kan je in mei, juni en juli aantreffen op (zomer)eiken. Deze rupsen gaan 's nachts groepsgewijs "in processie" op zoek naar eikenbladeren. Contact met de haren van de rups, die ook door de wind verspreid worden, kunnen klachten doen ontstaan zoals jeuk, huiduitslag, irritatie aan de ogen of aan de luchtwegen. In België komen meer dan 2400 soorten dag- en nachtvlinders voor. Bij een deel ervan zijn de rupsen met korte of lange haren bezet.

Rupsen van de Eikeprocessierupsvlinder

Lang niet alle harige rupsen zijn gevaarlijk. In feite zijn er maar drie waarbij voorzichtigheid geboden is: eikenprocessierups (Thaumetopoea processionea), bastaardsatijnvlinder (Euproctis chrysorrhoea) en de donsvlinder (Euproctis similis). De eikenprocessierupsen vinden we alleen op de zomereik (en eventueel wintereik waar die voorkomt) en in zeldzame gevallen ook op Amerikaanse eik.

In Vlaanderen komt de eikenprocessierups vooral in de Antwerpse en Limburgse Kempen voor. Daarnaast breidt ze zich lokaal uit naar de provincies Oost- Vlaanderen en Vlaams-Brabant. De rupsen van de bastaardsatijnvlinder hebben een sterke voorkeur voor struiken en heesters uit de rozenfamilie (Rosaceae). Aan de kust is ze vooral op duindoorn te vinden. De bastaardsatijnvlinder komt in alle Vlaamse provincies voor. Lokaal kan ze talrijk zijn; over het algemeen komt ze echter minder voor dan vroeger. In de duinen, met name aan de Westkust, is ze echter goed vertegenwoordigd. De rups van de donsvlinder kan je ontmoeten op sleedoorn, meidoorn, berk, zomereik, zwarte els en hazelaar. Deze algemene soort komt in lage densiteiten verspreid over heel Vlaanderen voor.

Nest van de Eikeprocessierupsvlinder

De rupsen van deze soorten bezitten brandharen. Die hebben een irriterende werking als ze in contact komen met de menselijke huid. Vervelend is dat de rupsen hun brandharen gemakkelijk verliezen, waardoor je ook in contact kunt komen met de haren zonder de rupsen aan te raken. De overlast duurt meestal niet lang. Bij de eikenprocessierups bijvoorbeeld verschijnen de brandharen pas als de rupsen zich in het derde larvale stadium bevinden (d.w.z. als ze al tweemaal verveld zijn). De overlastperiode loopt vanaf half mei tot eind juni. De oude nesten kunnen nog wel haren bevatten die later nog voor overlast kunnen zorgen. De eikenprocessierups en de bastaardsatijnvlinder zijn de enige die echt voor overlast kunnen zorgen. De rupsen van die soorten leven immers in groepen die een spinsel vormen. Door de grote aantallen, is de kans groter dat passanten met brandharen in contact komen. De rupsen van de donsvlinder, nochtans in Vlaanderen een algemene soort, leven solitair. Hun haren hebben wel een irriterende werking, maar de kans dat je met die haren in contact komt, is heel klein. Naast de eikenprocessierups en de bastaardsatijnvlinder zijn er nog andere rupsen die spinsels vormen maar voor de mens totaal ongevaarlijk zijn. De opvallendste soorten in deze groep zijn de zogenaamde spinsel- of stippelmotjes: kleine witte nachtvlindertjes met talrijke zwarte stipjes. De rupsen van deze soorten zijn onbehaard, maar hebben ook donkere stippen. Afhankelijk van de soort kunnen ze een plant grotendeels met een witachtig spinsel overdekken en aanzienlijke vraatschade aanrichten.

De boodschap bij heel deze rupsengekte is dan ook dat alleen een betere kennis van deze diergroep heel wat misverstanden kan voorkomen. In onze afdeling wordt tegenwoordig flink wat aan nachtvlinderstudie gedaan. Wens je hierover meer te weten, vuur dan je vragen af op één van onze wandelingen of mail ze ons.

Johan

 
Wie zijn wij?
Natuurgebieden
Activiteitenkalender
Werkgroepen
't Broekventje blogt
Cursus
PS project
Natuurstudie
Rapporten  
Foto's

Natuurpunt Haacht neemt deel aan het Countdown 2010 project ! Klik voor meer info...

Contact
Lid worden
Nieuwsbrief
Wandelen
Downloads

Links
Walk for Nature
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
   
  Deze foto van de ATG werd ons bezorgd door Neeltje Buellens.
 
 
 
 
 
 
 
   
 
 
 
 
 
 
 
   
 
 
 
 
 
 
medewerkerpagina's
 

Recente updates

29/08/2010: nieuws

1/5/2010: allerlei

23/11/2009: nieuws

















Idee en ontwerp
Johan De Meirsman